Mazelen: het hele verhaal verdient aandacht
De laatste tijd lijkt
mazelen vooral te worden gepresenteerd als een levensbedreigende
ziekte.
Maar hoe zien de cijfers eruit als we ze in hun historische
context plaatsen?
Enkele feiten:
Het mazelenvaccin werd geïntroduceerd in 1963.
In
de tien jaar vóór de introductie van het vaccin kregen in de Verenigde
Staten jaarlijks naar schatting 3 tot 4 miljoen mensen mazelen
Jaarlijks overleden daarbij ongeveer 400 tot 500 mensen.
Dat betekent
dat meer dan 99,98% van de mensen die mazelen kreeg, de ziekte
overleefde. (CDC)
Ongeveer 48.000 mensen werden jaarlijks
opgenomen in het ziekenhuis en ongeveer 1.000 ontwikkelden encefalitis
(hersenontsteking).
Ernstige complicaties kwamen dus voor, maar waren
relatief zeldzaam vergeleken met het totale aantal infecties.
De
sterfte aan mazelen was in veel westerse landen al tientallen jaren
sterk aan het dalen vóór de invoering van het vaccin, mede door
verbeteringen in voeding, hygiëne en medische zorg.
Vitamine A: een vergeten onderdeel van de behandeling?
Opvallend is dat in de publieke voorlichting weinig aandacht wordt besteed aan vitamine A.
De
Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) adviseert bij alle vermoedelijke
mazelengevallen bij kinderen jonger dan 5 jaar direct twee doses
vitamine A met 24 uur ertussen.
Bij oogcomplicaties wordt later een
derde dosis geadviseerd.
Volgens de WHO helpt dit de tijdens
mazelen ontstane daling van vitamine A te herstellen, kan het oogschade
en blindheid helpen voorkomen en kan het ook het risico op overlijden
verminderen.
Dit advies geldt zelfs voor goed gevoede kinderen, omdat
mazelen de vitamine A-voorraad tijdelijk kan uitputten.
.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten